dinsdag 1 april 2014

De weelde van het flaneren


In een uithoek van de computer vind ik een vergeten stuk over rust en onthaasting. Ik weet nog dat ik het schreef in een tijd dat ik daar zelf weinig aan toekwam, zodat het enige studie vergde. Eén passage lijkt gisteren geschreven, zo vertrouwd klinken de zinnen me in de oren.

“Maak zomaar eens een ommetje,” zie ik mezelf schrijven. “Mensen zijn altijd maar onderweg van A naar B. Het is heerlijk om ’n keertje nergens heen te hoeven en lukraak ’n eindje weg te kuieren. Flaneren is luxe. Men zal afgunstig op u zijn omdat u in de weelderige omstandigheid verkeert dat u tijd zat heeft om op uw gemak door de gehaaste wereld te slenteren. Op de ene straathoek luistert u een tijdje naar een saxofonist, op de andere flirt u met een aantrekkelijk personage, en uiteindelijk verzeilt u in straten waar u nog nooit bent geweest maar waar de interessantste huizen staan en de mooiste mensen wonen. Tenminste: dat vermoedt u zo’n beetje, want u kijkt niet zo scherp, de blik van de flaneur is altijd wat wazig. Flaneren, zegt Pierre Sansot, auteur van Lof der traagheid, is een toestand van ‘gecontroleerde sluimering’.”

Ik krijg er meteen zin in, zo’n ommetje. Helaas ben ik een beperkte wandelaar geworden. Lastige longen roepen me bij inspanning snel tot de orde. Een rollator zou helpen, die maakt het lopen lichter, maar kan men flaneren met een rollator? De ware flaneur is een onbekommerd, ontspannen type dat met lichte tred naar een vaag doel onderweg is, en dat botst met de wat problematische uitstraling van een rollator. Gunstig is weer wel dat iemand achter een rollator doorgaans tijd genoeg heeft, een luxe die ik hierboven met flaneren verbond. Bij het eerder beschreven flirten, zal dit hulpmiddel echter niet erg helpen.

Nu ik dit zo schrijf, realiseer ik me dat ik tegenwoordig flaneer per – elektrische – fiets. Als ik op mijn elfendertigst door lommerrijke lanen peddel en in alle kalmte de omgeving in me opneem, zal geen mens me verwarren met gehaaste passanten op weg naar kantoor, klus of supermarkt. Ik houd even halt bij een straatmuzikant, glimlach op een plein naar de dame van de bloemenkraam en verzeil in straten waar ik nog nooit ben geweest maar vast terug zal keren. Kuierfietsen. Ik kan het aanraden.

Foto: Flickr (Javier Estraviz)


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen